mijn bijdragen

Portret Hans Vermaak

 

 

 

 

gidsen

Er is heel wat winst te boeken en leed te vermijden door de weg te weten in de kennis van ons organiseervak. En daarin de zin van de onzin te scheiden, te weten wanneer het ene werkt en wanneer het andere. Om populaire concepten op waarde te schatten en te weten welke fraaie alternatieven er zijn. Ik wil graag dat we met elkaar dit jonge vak serieus nemen, eruit halen wat er in zit en het vak oprekken waar we meer waar willen maken. Formele organisatiepraktijken steken vaak schraal af tegen de beschikbare rijkdom aan theorie en rijkdom aan informele succesverhalen. Uit die laatste twee bronnen kunnen we inspiratie halen.

scheppen

Er is geen gebrek aan maatschappelijke opgaven waar nog veel in te bereiken valt. De meeste veranderinspanningen zijn intern gericht en de gedane moeite vertaalt zich niet altijd in meerwaarde naar een buitenwereld. Veel professionals zitten in de knel door alle (re)organisatielast. Ik heb iets met sociale innovatie waarbij organiseerinspanningen bijdragen aan concrete maatschappelijke opgaven waar velen iets mee hebben, maar weinigen grip ervaren. Taaie vraagstukken die de moeite waard zijn en bij een zinniger aanpak hun taaiheid verliezen en bevredigend worden om aan te werken.

helpen

Ik denk dat organisaties er bij gebaat zijn als veel mensen gevraagd en ongevraagd sturing geven aan hun werk en hun omgeving. Noem het zelfsturing als organiseerprincipe. Dat maakt het mogelijk om lastige klussen te klaren en zet betrokkenen in hun kracht. Die zelfsturing pakt vaak pas goed uit als betrokkenen op een andere manier naar hun werk leren kijken, zich constructief leren bemoeien met zaken buiten hun takenpakket, en hun kundigheid oprekken om dat tot een goed einde te brengen. Ik steun graag dit soort ‘intrapeneurs’ die hun cirkel van invloed oprekken en risico’s nemen ‘voor de goede zaak’. Gelukkig lopen er in elke organisatie dat soort mensen rond, zij het vaak onder het maaiveld.

spelen

Complexe opgaven zijn leuk zolang ze maar op je vakgebied betrekking hebben. Zo is voor een orthopedisch chirurg een onmogelijke beenbreuk leuker dan een simpele. Zodra de opgaaf uitdagend is en de moeite waard, moet je grenzen opzoeken van jezelf en van de vertrouwde routines. Het helpt dan om te spelen met de regels, te experimenteren, risico’s te nemen. Dat geeft aanleiding voor mooie ervaringen: de opwinding van de ontdekking, het plezier om bij te leren. Het geeft ook aanleiding voor ongemak dat verdragen moet worden en uitglijders die je met opgeheven hoofd accepteert. Ik ga met betrokkenen op pad in dit grensgebied. Daar leer je met vertrouwen te handelen zelfs als de klus je vermogens te boven gaat, aandachtig te blijven onder lastige condities en mooie dingen mogelijk te maken. En om daar samen plezier aan te beleven.

leren

Ik denk dat niemand de wijsheid in pacht heeft en dat niets werkt als Haarlemmerolie. De praktijk is daar gelukkig te gevarieerd, onkenbaar en ongrijpbaar voor.  Dat betekent dat we vooral al doende ontdekken hoe vraagstukken in elkaar zitten en hoe we daar mee om kunnen gaan. Daar hou ik zelf van en daar betrek ik anderen in. Het maakt wie meedoet kundiger en we oogsten er meteen kennis uit. Toch zijn dat wat mij betreft niet de belangrijkste redenen om lerend te werken. Die zijn dat nieuwsgierigheid energie geeft, dat leren elke opgaaf interessanter maakt en dat oefening kunst baart. Dat verrijkt het leven.