publicaties


Kleinschalig werken aan grootschalige transities

In: J. Boonstra en M. Dubbeldam (red). Veranderen voor de toekomst, Boom 2026

Hans Vermaak, 2025

Veranderkunde richt zich vaak erg op organisaties als object en management als subject. Bij maatschappelijke vraagstukken knelt dat omdat die dwars door organisaties spelen en veranderaars op veel meer plekken nodig zijn. Die veranderaars kunnen juist op menselijke maat complexiteit goed hanteren, maar dat lijkt op gespannen voet te staan met de omvang van allerlei transities. Die spanning is de overbruggen als veranderaars niet alleen een rol pakken in hun lokale praktijk maar ook verbindingswerk doen daaromheen. Een verbindingscyclus en een verbindingspalet bieden houvast om dat ambachtelijk op te pakken.

Zodra veel mensen dat doen, ontstaan genetwerkte antwoorden die opgewassen zijn tegen genetwerkte problemen. Tenminste, zolang die een lappendekenkarakter behouden en niet tot een organiseerstramien verworden. Velen zijn zo in staat een rol te pakken: onmacht krimpt en impact groeit. Verbindingswerk verwerft daarmee een positie als veranderkundige basiskennis – nu al maar zeker ook in de toekomst.

Het bovenstaande is een typering van het hoofdstuk dat verscheen in het boek ‘Veranderen voor de toekomst’ Het hoofdstuk is te beschouwen als een soort korte samenvatting van het boek ‘de logica van de lappendeken’ maar dan andersom geschreven dan het boek: ik focus eerst op kleinschalig verbindingswerk en daarna hoe dat kan leiden tot een organisch netwerk dat opgewassen is tegen taaie vraagstukken. Er is ook een essay dat juist het verhaal vertelt in dezelfde lijn van het boek: klik daartoe hier.

Het boek ‘Veranderen voor de toekomst’ is een bundel van zo’n 25 verhalen van verschillende auteurs die allemaal verkennen hoe de veranderkunde zich verder ontwikkeld, passend bij de vraagstukken die vandaag en morgen spelen. Het zijn uiteenlopende perspectieven verdeeld over acht thema’s. Het geeft een mooi kaleidscopisch zicht op hoe het vak zich ontwikkeld. En het is reflectief geschreven, niet als holle taal.